Duurzaam verdichten doe je integraal en samen
10 januari 2022
Afbeelding: Peter Mensinga_portretfoto
© Sander Koning

Een verkenning door Peter Mensinga, klimaatontwerper en duurzaamheidsstrateeg bij ABT en Oosterhoff. 

De bevolking groeit snel. En mensen willen ook nog eens individueler en groter wonen. In 1950 leefden er in Amsterdam 4,5 mensen op 72m2. Nu zijn dat er 2 per 98m2. En in 2050 wellicht 2 op 200m2. De vraag naar woningen is al lange tijd veel groter dan het aanbod, met recordprijsstijgingen als gevolg. Bovendien streven meer steden om binnen 15 minuten te beschikken over basisvoorzieningen en ook dat vraagt ruimte. Bij een stad met een dichtheid van 60 woningen per hectare wordt er per m2 vloer 1m2 weg gebruikt en is daarnaast nog 0,5m2 groen.

Om de groei van de bevolking en economie op te kunnen vangen moeten de steden worden verdicht. De beloning voor of waarde van verdichten wordt bepaald door de afnemer, de consument. Economie is immers niets anders dan het toevoegen van waarde met een activiteit en iemand vervolgens voor die activiteit belonen.

Met verdichten verdient de bouwwereld geld. Ook ABT en Oosterhoff. Maar hoe duurzaam is dat verdien- of toegevoegde waarde-model eigenlijk? In dit artikel verken ik die vraag om antwoorden te vinden waarmee ik de komende jaren verder kan werken. Met mijn verkenning hoop ik te inspireren en nieuwe talenten aan te trekken die graag duurzaam willen verdichten.

Afbeelding: Wereldexpo 2000 Hannover © Rob _t Hart

Economisch maximaliseren van de ruimte

Wonend aan de Nieuwe Maas kan ik het proces van verdichten in Rotterdam met eigen ogen van nabij volgen. Ik zie dat bestaande panden worden opgetopt en kleine kavels worden vrijgemaakt voor hoge torens. Met haar vele platte daken biedt de stad mooie kansen voor verdichting. In diverse publicaties zijn die kansen al multidisciplinair verkend, zoals in Licht Verdicht, waaraan ook ABT meewerkte met een voorstel voor de Lumière in Rotterdam. En de recente Rooftop Catalogue onderstreept die potentie. 

Het POST Rotterdam-project in het centrum is een mooi voorbeeld van duurzame verdichting. ABT werkt hier als ‘architect of record’ samen met de ontwerpers van ODA en adviseert op het gebied van bouwfysica en brandveiligheid. Na een lange periode van leegstand wordt het bestaande postkantoor, een rijksmonument, volledig getransformeerd tot hotel. Op de binnenplaats aan de oostkant verrijst een 150 meter hoge woontoren. Het resultaat is een hybride van hoogbouw van New York en laagbouw carrés van Parijs en Barcelona. 

Beeld: Het gestapelde landschap van de Wereldexpo 2000 in Hannover. Ontwerp: MVRDV. Constructie en bouwkunde: ABT.  © Rob t Hart

Anders dan bij POST moeten helaas echter nog té veel mooie panden wijken voor nieuwe met meer vierkante meters. FARMAX is het credo. FARMAX is een 20 jaar oude publicatie van MVRDV die ik al jaren meedraag. Hierin staat het maximaliseren van de Floor Area Ratio, ook wel FSI (Floor Space Index) centraal. Deze FAR/FSI is sterk afhankelijk van de schaal waarop gekeken wordt. De FAR op gebouwniveau is vaak hoog. Als de publieke en private omgeving worden meegerekend loopt de FAR al snel terug. Om nog maar te zwijgen over de schaal van een wijk, stad of regio. FARMAX is een excursie naar creatief maximaliseren van de FAR/FSI. Een voorbeeld uit dit boek is ook het gestapelde landschap van de Wereldexpo in Hannover in 2000. Dit denken van MVRDV is overigens nu te zien in een tentoonstelling in hetNieuwe Instituut in Rotterdam.

In de publicatie ‘Steden vol ruimte’ van Rudy Uytenhaak, waaraan ik bijna 15 jaar geleden werkte, verkenden we al de vermindering van licht en andere parameters door het maximaliseren van de FAR/FSI. Daaruit blijkt onder meer dat de maximale FAR bij vergelijkbare gevelindex – ofwel gelijke daglichtpotentie binnen – zou kunnen worden behaald met een dambord-opstelling. Bij mij aan de overkant wordt verdicht volgens het ‘dynamisch transformatieplan’ van KCAP uit 1996. Flexibele stedenbouwkundige regels resulteren daarbij in een meer diverse opstelling, die uiteindelijk leidt tot verdrievoudiging van het vloeroppervlak en meer levendigheid. Daar bouwen wij met Barcode Architects naast The Muse aan CasaNova, een driehoekige woontoren die verjongd landt op een daklandschap van een vierlaagse onderbouw die grenst aan de voormalige haven.

Afbeelding: Urban layers one page

Open ruimte meetbaar mee-ontwerpen

Meten is weten. Rekentools helpen ons in een vroeg ontwerpstadium bij het bepalen van de bouwefficiency. Ze helpen bij het verkennen van het verwachte binnencomfort en geven ons inzicht in onder andere de CO2-emissie per m2-vloer, zowel in materiaal als in gebruik. 

Een goede verdichting zet niet alleen in op private prestaties het wil ook bijdragen aan een gezonde, duurzame stad. Ze biedt ruimte voor natuur, meer openheid voor verluchting en verkoeling, licht en zon, aantrekkelijk uitzicht, publieke ruimte, ruimte voor binnen-buiten en voldoende ruimte voor transportbeweging. BREEAM e.a. helpen om duurzaamheidsprestaties in de breedte onderling te vergelijken.

In het Jonas-project op IJburg, naar ontwerp van Orange Architects zijn deze tools toegepast. Het project omvat een duurzaam wooncomplex met actieve plint. Het wordt medio 2022 opgeleverd. Al vroeg in het project is door ABT verkend wat de concrete duurzame bijdragen waren aan het minimaliseren van het energieverbruik, verantwoord materiaalgebruik en andere BREEAM-criteria.

Vandaag de dag kunnen we het optimaliseren van deze parameters veel sneller en beter onderzoeken met hulp van parametrische software. Dit leidt tot nieuwe workflows, waarin al in een vroeg ontwerpstadium de parameters kunnen worden verkend. ABT heeft haar eigen software, zoals Urban Layers die ontwikkeld wordt door Quake, het innovatiecentrum van Oosterhoff. Dit soort parametrische software is ook toegankelijk voor architecten, zodat we gelijktijdig aan de ruimte rondom het ontwerp kunnen werken. De visuele output draagt bovendien bij aan de verbeeldingskracht die nodig is om verandering in gang te zetten.

Innovaties in rekentools geven multidisciplinair ontwerpen een nieuwe impuls. Daar komen soms bijzondere verdichtingsvoorstellen uit, zoals die voor Smakkelaarsveld in Utrecht. 

Aan dit project werkte ik samen met Arup en StudioNinedots. Zonuren en spoorgeluid op de gevel waren hierin de sturende ontwerpparameters, in samenhang met geluid, streven naar tweezijdigheid voor een betere verluchting, zicht op groen en zon in de publieke ruimte. De gemeente Amsterdam en Utrecht verdienen hierbij lof. In haar tenders vragen zij expliciet naar die duurzaamheid en gezondheid en controleren de uitkomsten bij nadere uitwerking en oplevering.

De rekenmodellen helpen ons om modulaire bouwmethoden te gebruiken om betaalbare, gezonde woningbouw te realiseren met een lage CO2-emissie. Zo ook met de HoutKern-Bouwmethode die wij als Rijkspaviljoen op de Floriade tonen. Deze vormt misschien wel de basis voor een goede opvolger van net opgeleverde houten gebouwen, zoals Stories met Olaf Gipser en Haut met Team-V architecten en Arup, waaraan ik werkte. Elders in dit magazine wordt die HoutKern-Bouwmethode nader toegelicht.

Beeld: Zeven Sustainable Development Goals die toepasbaar zijn op daken. Bron: Rooftop Catalogue. © MVRDV

Stedelijk metabolisme een plek geven

Het tweede vuistdikke KM3-boek van MVRDV zie ik als een verkenning om de ambitie van het meervoudige ruimtegebruik van het Paviljoen in Hannover verder in de praktijk te brengen. En dan wel vooral met 3D-city-cube dat gaat over het optimaliseren van ruimte en het maken ruimte voor energie, voedselproductie en natuur naast woningen en werk. Het inspirerende beeldmateriaal van Wieland en Gouwens was overigens aanleiding voor dansvoorstellingen van Scapino Rotterdam. Een mooi voorbeeld hoe verschillende disciplines elkaar kunnen inspireren! Allemaal nog te zien in Het Nieuwe Instituut.

De wens tot maatschappelijk optimaliseren van ruimtegebruik kreeg een vervolg in de Green Dream, de eerste in de reeks van toekomstverkenningen van The Why Factory (T?F). Deze verkenning werd afgesloten met de wens voor een Green-calculator, waarover ik samen met ABT-collega Jaap Wiedenhoff meedroomde. Zo'n calculator kan het metabolisme, ofwel de 'stofwisseling' van de stad meetbaar maken, zoals energie, transport, afval, consumptie en productie, landgebruik, biodiversiteit en water.

De groene droom mondde bij mij mede uit in het conceptvoorstel voor het Nederlands paviljoen op de EXPO 2020 in Dubai. Daarin staat de nexus van energie, water en voedsel centraal. Een ander voorbeeld dichter bij huis is New West in Amsterdam. 

Met Olaf Gipser en Smartland realiseerden we een natuurlijke binnenplaats voor waterretentie en serres voor stedelijke landbouw in een schijnbaar eenvoudige stedelijke galerij-verdichting. Dat met metabolisme ook de schoonheid van historische gebouwen kan worden gekoppeld aan duurzaamheid, toonden we recentelijk in de prijsvraag Sublieme Schoonheid | Sublieme Duurzaamheid. Elders in het magazine vind je meer over deze competitie waarmee Floris Alkemade voor de laatste keer als Rijksbouwmeester inzet op de kracht van verbeelding en integraal ontwerpen.

New West, Amsterdam © Thomas Lenden
New West, Amsterdam © Olaf Gipser

Bijdragen aan Sustainable Development Goals

Afbeelding: Zeven Sustainable Development Goals die toepasbaar zijn op daken

Naast het inzetten van tools voor het efficiënt en kwalitatief hoogwaardig verdichten, inclusief het controleren van CO2-emissie en het integreren van stedelijk metabolisme, stel ik voor om bij elke oplossing in elke opgave vast te stellen wat het bijdraagt aan de globale duurzaamheidsdoelen van de Verenigde Naties; de zogenoemde SDGs (Sustainable Development Goals). 

Het Royal Institute of British Architects (RIBA) en de Royal Danish Academy of Architecture, Design, and Conservation bevelen de SDGs aan. Ik gebruik ze bij studenten en jonge professionals voor het bestuderen van de context van de opgave en het vaststellen van ontwerpambities. Bij MVRDV hebben ze er inmiddels ook ervaring mee en ze worden gebruikt in de Rooftop Catalogue. Overheden en bedrijven refereren graag aan de SDGs om hun maatschappelijke waarde te duiden.

Net als andere partijen in de bouwketen hebben ABT en Oosterhoff directe invloed op duurzaamheidsdoelen rond verantwoorde productie & consumptie (SDG 12), betaalbare en schone energie (SDG 7), innovatie & infrastructuur (SDG 9), gezondheid & welzijn (SDG 3) en klimaat-actie (SDG 13). En indirect hebben we invloed op doelen als verminderen van ongelijkheid (SDG 10), goede voeding (SDG 2) en het verbeteren van het leven op land (SDG 15). 

Beeld: Zeven Sustainable Development Goals die toepasbaar zijn op daken. Bron: Rooftop Catalogue. © MVRDV

Meer activistische houding

Voor nóg meer impact moeten de SDG-doelstellingen in de gehele breedte worden meegenomen. Veel bijdragen aan de SDG-doelstellingen zijn moeilijk meetbaar op lokale schaal. Dat maakt deze bijdragen echter niet minder waardevol. Integendeel. Het verantwoorden van keuzes en verkennen van alternatieven vergt immers dialoog met mensen met verschillende achtergronden en visies. Deze dialoog moeten we organiseren. Dit vergt een andere werkhouding en marktbenadering, alsook een meer activistische houding en een samenwerking tussen partijen die niet uitsluitend voor privaat gewin gaan. 

In veel projecten werken de verschillende partijen al integraal met elkaar samen in de ontwikkel- en ontwerpteams. En wordt ook de gemeente nauw bij het ontwerpproces betrokken. ABT en Oosterhoff hebben al veel ervaring met dit soort integrale projecten. Zij zijn ook steeds vaker initiator van een ontwikkelteam. 

Bijdragen aan duurzame doelen gaat verder dan alleen het ontwikkelteam. Het vraagt ook om een nadrukkelijke betrokkenheid van het maatschappelijk bestuur en belangengroepen. Gelukkig worden we daarbij al aangemoedigd door een deel van onze klanten en partners. En worden we gestimuleerd door tenders van visionaire gemeenten, gebouwbeheerders en ontwikkelaars waar we met plezier op ingaan. Denk en doe met ons mee! Met dit artikel heb ik in de spiegel gekeken om onze rol, verantwoordelijkheid en kansen te fatsoeneren alvorens verder op pad te gaan voor duurzame verdichting van onze leefomgeving. Ik hoop hiermee ook jullie te inspireren om samen – als een 'Gideonsbende' – aan deze ambitie te werken. 

Heb je zélf uitgesproken ideeën over duurzame verdichting? Waar moeten we volgens jou op letten? Laat het ons weten. Van slimme duurzame ideeën krijgen wij nooit genoeg!

Wie is Peter Mensinga?

Peter Mensinga is klimaatontwerper en duurzaamheidstrateeg. Voor Eneco en Arup werkte hij aan diverse meer duurzame stedelijke verdichtingsprojecten. Als zelfstandige onder de naam Aardlab bedacht Peter het concept voor het Nederlands paviljoen op Expo 2020 Dubai, was hij betrokken bij succesvolle vastgoedtenders en introduceerde hij de SDGs bij MVRDV. 

Bij ABT/Oosterhoff werkt de ontwerper en strateeg mee aan de Springplank voor jonge talenten, waaronder de inspirerende deelname aan de Sublieme Schoonheid | Sublieme Duurzaamheid. Ook geeft hij les in Delft en aan de Academies voor Bouwkunst in Amsterdam en Rotterdam.

Voor meer informatie: p.mensinga@abt.eu | telnr 06 28 27 86 02

Dit artikel is gepubliceerd in het ABT Magazine, dec 2021.

Header © Orange Architects

Deel dit bericht